BestuurdersBlog mei 2017: Samen klas zijn

“Is je moeder een boekenfan?” was in de vooravond van moederdag – toevallig ook de moeder van alle commerciële feestdagen  – de titel van een email van webwinkel bol.com aan mijn privéadres. Mijn moeder is al ruim 17 jaar niet meer in staat om boeken te lezen sinds haar overlijden in het jaar 2000. Daarmee was de titel van dit mailtje zacht gezegd ongepast – het resultaat van een gebrek aan feitelijke informatie in de onpersoonlijke, algoritmische database van deze internetgigant. Ik kan er inmiddels wel tegen om zulke zielloze berichten te ontvangen – commercieel of anderszins – waarin de afzender ten onrechte veronderstelt dat mijn moeder nog leeft. Wat ik me wel meteen bedacht, was ‘Hoe gaan onze leerlingen die (half)wees zijn op onze scholen van Biezonderwijs om met zulke vragen en met dagen als moederdag of vaderdag?’. Ook was ik benieuwd naar de opstelling van onze leerkrachten in de klas.

Vooral in het basisonderwijs wordt er veel tijd en aandacht besteed aan moeder- en vaderdag. “Ieder jaar weer vragen juffen en meesters zich af hoe de kinderen papa en mama eens goed kunnen verwennen”, schrijft digitale juf Bianca op haar website met maar liefst 36 creatieve ideeën voor meesters en juffen. Verschillende van onze ongeveer 1.770 leerlingen hebben echter geen vader en/of moeder meer. Soms leven ze niet meer, maar vaker nog zijn ze niet meer in beeld en groeien ze op in een pleeggezin of andere vorm van een gezinsvervangend t(e)huis. Onze leerkrachten en andere collega’s weten inmiddels heel goed hoe daarmee om te gaan – hoe moeilijk de individuele situatie van een leerling ook kan zijn. Onze collega’s koesteren immers een persoonlijke relatie met hun leerlingen en investeren doelgericht in sociaalemotionele ontwikkeling van de betreffende jongen of meisje.

Volgens mij ligt de grootste uitdaging dan ook niet op individueel niveau tussen leerkracht en leerling, maar op groepsniveau. De groepsdynamiek tussen kinderen of jongeren en hun interactie over de absentie van één of beide ouders. In het ergste geval kan een leerling zonder vader en/of moeder door medeleerlingen worden gepest of geplaagd. Dat gebeurt meestal buiten het zicht van een leerkracht om en is daarmee niet altijd goed te beïnvloeden als het gebeurt. Vandaar is het zo belangrijk om te voorkomen dat het überhaupt gebeurt. Dat kan door mijns inziens – mits de situatie zich daar psychologisch ook voor leent  en veilig is – door het fenomeen van overleden of ontbrekende ouders in het leven van een kind bespreekbaar te maken. In het geval van overlijden behoort empathisch en effectief omgaan met ‘rouw en verlies’ in de toekomst tot de standaardcompetenties van onze leerkrachten.

Ik ben dan ook erg blij met en dankbaar voor het initiatief van collega Doreth van Laarhoven-Nieuwlands, leerkracht bij onze school SBO Noorderlicht. Zij liet onlangs een deskundige een presentatie verzorgen aan haar schoolteam over omgaan met rouw en verlies. Ik was daarvan persoonlijk getuige en zeer onder de indruk van rouwbegeleidster Gertie Mooren. “Rouw en verlies kan de ontwikkeling van onze kinderen in de weg staan. Kinderen die niet of nauwelijks kunnen rouwen om een overleden ouder, broer of zus of een huisdier kunnen zichzelf soms niet meer zijn en kunnen ander gedrag laten zien”, aldus Doreth. “Praten over afscheid nemen, gevoelens die los kunnen komen en verliezen die kinderen meemaken, is van belang.”

Toen ik mijn moeder verloor, was ik een 16-jarige scholier op de middelbare school. Ik vond het erg fijn dat er leerkrachten waren waar ik op kon rekenen, waar ik mijn ei kwijt kon en bij wie ik me veilig voelde. Wat ik toen wel heb gemist, was het begrip van sommige medescholieren en het gebrek aan aandacht vanuit leerkrachten richting diezelfde medescholieren voor het verlies van een ouder. Ik gun iedere leerling dat hij of zij zich op school veilig voelt en zichzelf kan en mag zijn, ook als je rondom moeder- of vaderdag je mama of papa mist. Maar de ‘school’ bestaat niet alleen uit leerkrachten en professionals, maar ook (en juist!) uit leerlingen. Samen school zijn, betekent ook samen vieren én samen rouwen. Het bespreekbaar maken van het verlies of ontbreken van een ouder kan bijdragen aan een veilig en inclusief schoolklimaat en de saamhorigheid tussen leerlingen. En zo hoeft een klas geen last te zijn, maar is het vooral een zegen in moeilijke tijden. En zo zou het ook moeten; want klas zijn, dat ben je samen.

Dave Ensberg-Kleijkers

3 reacties op “BestuurdersBlog mei 2017: Samen klas zijn

    Doreth van Laarhoven-Nieuwlnads

    Een leerzame middag gehad bij Gertie en Saskia. Vanaf vandaag mag ik de training Kombas geven aan de groepen 6, 7 en 8 van de basisschool. In de training krijgen kinderen preventief vaardigheden aangeleerd hoe zij om kunnen gaan met verlies. Daarnaast krijgen ouders en leerkrachten inzichten in hoe zij kinderen kunnen begeleiden in verliessituaties en kunnen ze voorkomen dat deze kinderen in een later stadium problemen gaan krijgen wanneer zij met verlies te maken krijgen (Gertie Mooren en Saskia Zoutewelle). Geweldige training. Mooi initiatief.

    Marian de Brouwer

    Ook ik was getuige van de presentatie en kan alleen maar bevestigen wat Dave beschrijft.
    Ik heb inmiddels vernomen dat Doreth gecertificeerd is om de genoemde training te geven. Hoe mooi zou het zijn als we deze training binnen en buiten onze Stichting zouden kunnen delen.

    Bert Schreurs

    Dit artikel past goed in het rijtje “missen van aandacht” Hoe groot is intussen al het percentage gescheiden ouders? Bij sommige doelgroepen ligt dit al dicht tegen de 75%, hoe gaan we daar mee om? Onze doelgroep heeft al genoeg voor de kiezen, omdat ze toevallig een vierkantje zijn ipv een rondje. Dan maak je toch graag 5 minuten vrij voor een vertrouwelijk gesprekje. Een klein gebaar kan voor de ander juist de trigger zijn om verder te groeien.
    Warme groet,
    Bert Schreurs VSO de Velddijk