BestuurdersBlog februari: van school naar school

Van school naar school, van kwaad tot erger

“Die schooldirecteur van jou is verantwoordelijk voor het leed van mijn kind. Mijn zoon! Als ik hem tegenkom op straat, sta ik niet voor mezelf in. Ik rem niet als hij oversteekt. Van mij mag hij dood!”

Zo’n jaar geleden sprak ik een emotionele vader op mijn kantoor. Zijn teleurstelling, verdriet en boosheid waren zowel verbaal als non-verbaal onmiskenbaar groot. Een boosheid die zich in de loop van ons gesprek eenzijdig richtte op een schooldirecteur van Biezonderwijs. Deze woede van ouders, veelal ontstaan uit onmacht en herhaaldelijke teleurstelling, komen we in het specialistisch onderwijs helaas vaker tegen. ‘Hoe zouden we dat kunnen voorkomen?’ is een vraag die me al langer bezighoudt.

Kinderen en jongeren komen niet zomaar op een school voor speciaal (basis)onderwijs terecht. Daar ligt vaak een biologische oorzaak aan ten grondslag, zoals een aangeboren verstandelijke en/of lichamelijke beperking. Maar de meeste van onze leerlingen zijn leerlingen met (ernstige) gedragsproblemen en/of psychiatrische stoornissen. Oorzaken die doorgaans meer liggen aan de psychosociale omstandigheden, zoals vechtscheidingen, grootschalige pesterijen op de school van herkomst, kindermishandeling, verwaarlozing of het algehele onbegrip van de sociale omgeving om goed om te gaan met kinderen die net iets anders zijn. Vandaar dat ook veel van onze leerlingen hun onderwijsloopbaan oorspronkelijk zijn begonnen op een reguliere basisschool of middelbare school. Sommigen hebben zelfs meerdere reguliere scholen versleten voordat ze naar een Biezonderwijs-school zijn doorverwezen.

Ik heb als kind op vijf verschillende basisscholen gezeten. Niet omdat mijn gedrag onhandelbaar was, maar omdat mijn ouders om verschillende redenen geregeld verhuisden en ik dus meeverhuisde. Dat is een enorm ingrijpende gebeurtenis voor een kind. Afscheid nemen van vriendjes en vriendinnetjes binnen en buiten de klas. Je continu moeten aanpassen aan je nieuwe (school)omgeving. Proberen erbij te horen. Voor kinderen die van de ene school naar de andere school gaan, omdat het aan ‘henzelf’ ligt – althans in hun beleving, dan wel in die van hun ouders – moet dit verhuisproces nog veel zwaarder zijn dan bij mij het geval was. Voor hen is elke overstap van een school een ‘faalervaring’ en heeft daarmee grote kans op een negatieve impact op hun zelfbeeld en algehele persoonsvorming of ‘menswording’.

Zo ook de zoon van de eerder genoemde boze vader. Hij liet op onze school na verschillende negatieve ervaringen op diverse scholen zeer agressief gedrag zien. Was daardoor ook een gevaar voor medeleerlingen en voor leraren. Dat zien we bij Biezonderwijs helaas net iets te vaak. Kinderen en jongeren die uit onmacht, onbegrip en opgekropte teleurstelling agressie vertonen richting hun omgeving. Mijn collega’s zien zich geconfronteerd met leerlingen die hen (willen) steken met een scherp voorwerp, verbaal alle ziektes naar hun hoofd geslingerd krijgen of simpelweg een duw of schop te verwerken krijgen. Daar zijn we als specialistisch onderwijs tot op zekere hoogte op voorbereid en op toegerust. Maar het zou voor zowel het kind als de ouders en onze collega’s een stuk fijner zijn als we dit agressieve gedrag kunnen voorkomen. Te beginnen met het voorkomen dat kinderen van school naar school gaan en daarmee van teleurstelling naar teleurstelling. Hoe we dat kunnen voorkomen? Te beginnen door nóg beter samen te werken als scholen in dezelfde regio vanuit het idee van ‘passend onderwijs’. Maar ook door onze specialistische expertise eerder en beter in te zetten in reguliere scholen. Dáár zouden we als onderwijsbestuurders aan de overlegtafel van samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs misschien wel vaker over moeten spreken. In belang van kinderen. In belang van ouders. In belang van leraren. In belang van de maatschappij.

Dave Ensberg-Kleijkers
Voorzitter College van Bestuur

Één reactie op “BestuurdersBlog februari: van school naar school

    Jeff Bertens

    Helemaal mee eens. Voorkomen is beter dan genezen (preventieve voor curatieve benadering). Punt is wel dat Biezonderwijs zich uitdrukkelijk positioneert daar waar de kinderen met de meest extreme ondersteuningsbehoeften zich melden. Dan moet je die positionering en (impliciete) pretenties ook wel waar kunnen maken. Als het hier niet lukt wacht veelal een ontheffing van leerplicht en dus thuis zitten of (erger) een jeugd(straf)inrichting. Succes met jullie zware taak. Ik heb er jaren vorm en inhoud aan mogen geven.